Wat heb je nodig?
een stukje doorzichtig plastic (bijvoorbeeld van een broodzakje of insteekhoesje)
water
een pipet of rietje
een krant of boek met kleine lettertjes
- Veiligheid
Helemaal veilig. Leg wel geen bibliotheekboek onder de druppels.
- Stappenplan
1
Leg het stukje plastic op de krant, boven de kleine lettertjes.
2
Laat er met de pipet één dikke druppel water op vallen.
3
Kijk door de druppel naar de letters: ze zijn groter geworden!
4
Probeer een grotere en een kleinere druppel. Welke vergroot het meest?
- Waarom werkt dit?
Een waterdruppel is bol van vorm, net als het glas van een echt vergrootglas. Licht dat door zo’n bolle vorm gaat, wordt gebogen waardoor de letters eronder groter lijken. Kleine, bolle druppels vergroten sterker dan grote, platte druppels. De allereerste microscopen werkten met piepkleine glazen bolletjes — bijna waterdruppels van glas!
Wat heb je nodig?
een stukje doorzichtig plastic (bijvoorbeeld van een broodzakje of insteekhoesje)
water
een pipet of rietje
een krant of boek met kleine lettertjes
- Veiligheid
Helemaal veilig. Leg wel geen bibliotheekboek onder de druppels.